Zondag 7 februari 2021 - 5e zondag na Epifanie

 

Volgens het oecumenisch leesrooster lezen we op deze zondag Marcus 1: 29-39.
Jezus was met zijn eerstgeroepen leerlingen in de synagoge van Kafarnaüm geweest .Na de dienst, waar Jezus met gezag gesproken had, gaan ze naar het huis van Simon en Andreas. Daar wordt de schoonmoeder van Petrus, die met koorts in bed lag, opgewekt door Jezus. En het klinkt als een 'vooraf-echo' van het Paasevangelie, waar de engel aan de vrouwen vertelt dat Jezus is opgewekt uit de dood. Rembrandt heeft dat evangelie van de opwekking van deze vrouw verbeeld in onderstaande tekening.

 

Ik lees de woorden, ik bekijk de tekening en ik voel hoe het ook in mijn leven sabbat kan worden. Ik wil mij openen voor dat Woord van gezag  Ik wil mij door Jezus laten oprichten uit al die koortsachtige toestanden. En dan zal ik in staat zijn om te leven naar mijn bestemming. 
'Ze begon voor hen te zorgen' staat er in de vertaling. Letterlijk staat er: ze begon te 'diakenen', te dienen. Door Jezus opgericht kan deze mens leven in dienstbaarheid aan het goede nieuws.

 

Marcus 1: 29-39

 

29 Toen ze uit de synagoge kwamen, gingen ze rechtstreeks naar het huis van Simon en Andreas, samen met Jakobus en Johannes. 30 Simons schoonmoeder lag met koorts in bed, en ze spraken met Jezus over haar. 31 Hij ging naar haar toe, pakte haar hand vast en hielp haar overeind. Toen verliet de koorts haar, en ze begon voor hen te zorgen.


32 ’s Avonds laat, toen de zon al was ondergegaan, brachten de mensen alle zieken en bezetenen naar hem toe; 33 alle inwoners van de stad hadden zich bij de deur van het huis verzameld. 34 Hij genas vele zieken van allerlei kwalen en hij dreef veel demonen uit, maar stond ze niet toe om iets te zeggen, want ze wisten wie hij was.

35 Vroeg in de ochtend, toen het nog helemaal donker was, stond hij op, ging naar buiten en liep naar een eenzame plek om daar te bidden. 36 Maar Simon en de anderen die bij hem waren, gingen hem vlug achterna, 37 en toen ze hem gevonden hadden zeiden ze tegen hem: ‘Iedereen is naar u op zoek!’ 38 Toen zei hij: ‘Laten we ergens anders heen gaan, naar de dorpen hier in de omtrek, zodat ik ook daar het goede nieuws kan brengen. Daarvoor ben ik immers op weg gegaan.’

 

Bij het Veertig Dagen leesrooster in de 3-Klank nam ik deze poster op van 'Visje': 'Is gebed jouw stuurwiel of je reservewiel?'

 

In het evangelie wordt overduidelijk dat het gebed voor Jezus het 'stuurwiel' is. In de nacht, in de eenzaamheid van de woestijn zoekt hij de nabijheid van God. Die nabijheid geeft zijn leven richting als de leerlingen bij hem komen en hem mee willen slepen in de de bewegingen van de mensen.

 

Jezus laat zich niet meeslepen, maar kan door dat in de nabijheid van God verkeren zijn bestemming vasthouden: 'In alle dorpen het goede nieuws brengen; daarvoor ben ik immers op weg gegaan.'