Woord vooraf - De 3-Klank dec. 2018

 

Advent en kerst - De himel rekket de ierde
Het thema van Advent en Kerst is dit jaar ’De himel rekket de ierde’. We lezen
verhalen uit het Lucasevangelie. Dokter Lukas heeft alle verhalen over Jezus
verzameld en schrijft ze allemaal op voor zijn vriend Theofilus. Hij zegt: ”Kijk,
hier kun je op vertrouwen. Hier kun je je leven op bouwen.”


1e Advent - 2 december Lucas 1:5-25 Zacharias en Elisabet
Priester Zacharias en zijn vrouw Elisabet zijn al oud en ze hebben geen kinderen.
Maar de engel zegt: Elisabet zal een kindje krijgen. Jullie moeten hem
’Johannes’ noemen, dat betekent ’God is goed’. Zacharias kan het nog niet
geloven, maar Elisabet zegt: ’God heeft naar mij omgezien’.


2e Advent - 9 december Lucas 3:1-6 Johannes de Doper
Johannes is in de woestijn, bij de rivier de Jordaan. Hij roept de mensen toe:
”De Heer komt eraan! Hij wil alle mensen redden, vrij maken. Zijn jullie er
klaar voor? Stap in de rivier, laat je dopen, maak een nieuw begin.”


3e Advent - 16 december Lucas 1:26-38 Maria en de engel
Er komt een engel bij Maria op bezoek. Die zegt: ”Wees blij Maria, God houdt
van jou!” Maria schrikt geweldig, maar de engel zegt: ”Wees niet bang Maria.
Je zult een kindje krijgen en je moet hem Jezus noemen. ’God redt’ betekent
dat.”


4e Advent - 23 december Lucas 1:39-45 Maria en Elisabet
Maria en haar nicht Elisabet verwachten allebei nu een kindje. Maria gaat bij
Elisabet op bezoek en ze zijn heel blij. Zo blij, dat Maria er van gaat zingen:
”Dank u wel God, U hebt aan mij gedacht. U denkt om alle kleine mensen!”


Kerstmorgen - 25 december Lucas 2:1-20 Jezus wordt geboren
Dokter Lucas vertelt hoe Jezus geboren wordt. Hij vertelt over een keizer en
een volkstelling, over een man en vrouw onderweg, over herders en engelen.
En over een klein kindje in een voerbak. Precies in dat kleine kindje, in Jezus,
komt God heel dicht bij ons. De hemel raakt de aarde.
Met Advent en Kerst mogen de kinderen ook de kaarsen aansteken in de
Adventskrans. Daarbij hoort ook het onderstaande gedicht: ’Dat er licht mag
zijn’. Idee: je kunt thuis ook iedere (zon)dag Adventskaarsen aansteken en
daarbij dit gedicht gebruiken.

 

Myn winsk is: dat der ljocht wêze mei yn jim húzen en yn jim herten, dat
jimme ûnderfine hoe’t ek yn jim eigen libben de himel de ierde rekket.
Segene Advent en Krystdagen tawinske en in goed begjin fan it nije jier!
ds. Tytsje Hibma

 

1e kaars: Dat er licht mag zijn,
Licht in onze ogen:
dat wij elkaar zullen zien, zo goed als nieuw.
Licht in ons samenzijn:
dat wij Jezus zien, als wij elkaar ontmoeten.


2e kaars: Dat er licht mag zijn,
Licht in onze harten:
dat wij ruimte scheppen, plaats maken voor velen.
Licht in onze gedachten:
dat wij komen tot nadenken en eerlijke besluiten.


3e kaars: Dat er licht mag zijn,
Licht in onze huizen:
dat er vriendschap en gastvrijheid zullen heersen.
Licht in de omgang:
dat we te zien zijn, niet verborgen voor elkaar.


4e kaars: Dat er licht mag zijn,
Licht op onze wegen:
dat wij niet dwalen en elkaar tot doolhof zijn.
Licht in alle uithoeken:
dat we nergens het kleine vergeten.


Kerst: Dat er licht mag zijn,
Licht voor alle mensen:
dat wij het licht ontvangen, uitstralen, want Jezus zei:
Ik ben het Licht van de wereld
wie Mij volgt zal nooit meer in het donker lopen.